Hoe illegale houtkap wereldwijd wordt aangepakt
Iedereen kent het probleem van illegale houtkap. Hout is nou eenmaal waardevol en lang niet elk land slaagt erin om diefstal hiervan tegen te gaan. Daarom blijven deze kostbare natuurlijke bronnen inkrimpen, met alle nadelen die daaraan kleven.
In dit artikel leggen we uit welke initiatieven er zijn om onze kostbare wouden te beschermen. Daarvoor zullen we kijken naar de rol van CITES, PEFC, FSC en FLEGT. Te weinig mensen weten waar deze afkortingen voor staan en wat ze doen. Daarom gaan we daar nu dieper op in.

Ontbossing in Cijfers
Een paar feiten om het probleem in kaart te brengen:
- Sinds de uitvinding van landbouw is de aarde een derde van zijn bossen verloren.
- Nog steeds wordt 80% van de gekapte bossen vervangen door landbouw.
- In 1980 piekte de wereldwijde ontbossing. Daarna nam het tempo af, al stopte het niet.
- Tussen 2000 en 2020 nam het totale bosoppervlak op aarde af met 2,4%.
- Naar schatting van het WWF worden wereldwijd jaarlijks 15-30% van de bossen illegaal gekapt.
- Bij tropische bossen gaat het om 50 tot 90% illegale houtkap.

Je zou je kunnen afvragen of het wel ethisch is om houten producten in huis te hebben.
Is hout eigenlijk wel duurzaam?
Convention of International Trade in Endangered Species of Wild Flora and Fauna (CITES)
CITES is een internationale afspraak die handel in bedreigde dieren en planten tegen gaat. Sinds de oprichting in 1973, is CITES uitgegroeid tot een van de belangrijkste middelen in de strijd tegen handel in bedreigde soorten. Inmiddels zijn bijna alle landen op aarde erbij aangesloten. Dus hiermee maakt dit het illegaal kappen van bedreigde bomen stuk minder interessant.

CITES verdeelt bedreigde soorten in de volgende 3 groepen:
- Appendix 1: Met uitsterven bedreigde soorten. Het verhandelen van deze soort is niet toegestaan.
- Appendix 2: Momenteel niet bedreigd met uitsterven, maar wel een risico groep. De handel in deze soort is beperkt.
- Appendix 3: Soorten die in slechts één of enkele landen zijn beschermd. Aantonen dat de soort niet uit desbetreffend land komt is hier vaak voldoende.
In feite blokkeert CITES dus de import en export van bedreigde soorten. Echter kan bij hoge uitzondering een vergunning worden gekregen om bedreigde soorten over een landsgrens te vervoeren. Voor de andere groepen gelden maatregelen als een quota of een oorsprongsverklaring. De douane controleert deze zaken.
Illegale Houtkap en Certificering
Wellicht de bekendste maatregel zijn de keurmerken voor hout en papier. Zo’n keurmerk controleert de keten van het bos tot aan de eindklant. Het belangrijkste hierbij is of het bos wel goed wordt beheerd. Voor dit zogenaamde duurzaam bosbeheer geeft de organisatie dan een certificaat uit.
De basisprincipes van duurzaam bosbeheer:
- Behoud en waar mogelijk het vergroten van de biodiversiteit.
- Winnen van materialen en stoffen afstemmen op de herstelcapaciteit van het bos.
- Respecteren van de belangen van de lokale gemeenschappen.
Kortom kan een bosbeheerder zich tegen betaling laten certificeren. Daarmee kan de bosbeheerder aantonen dat het bovenstaande principes naleeft, waaronder het bestrijden van illegale houtkap. Dit maakt hun hout vervolgens waardevoller. De twee meest bekende certificeringen zijn PEFC en FSC, waarvan het keurmerk is te vinden op houtproducten.


Forest Stewardship Council (FSC)
FSC werd opgericht in 1993 en hanteert een wereldwijde standaard voor duurzaam bosbeheer. Op houtproducten die afkomstig zijn uit bossen die volgens hun normen worden beheerd is het FSC-certificaat te vinden. Producten met FSC-certificering dragen de garantie dat deze minimale schade aanrichten aan de natuur en de mens.
Het FSC stelt de hoogste standaarden voor hun certificaat. Om deze reden prijzen organisaties zoals het WWF het FSC, maar aan deze hoge standaard hangt een prijskaartje. Omdat het certificaat en de jaarlijkse controles zo duur zijn dragen voornamelijk bossen in ontwikkelde landen het keurmerk. 75% van de FSC bossen zijn te vinden in Europa, Noord-Amerika en Rusland, terwijl dit niet de gebieden zijn waar het de meeste problemen met illegale houtkap spelen.

Programme for the Endorsement of Forest Certification (PEFC)
PEFC werd opgericht in 1999 en is een van de grootste certificeringen ter wereld. Anders dan bij het FSC hebben de lokale partijen meer eigen inbreng, mits deze voldoen aan de PEFC-normen. Daarnaast kunnen meerdere kleine bossen ook samen een audit aanvragen om de kosten te delen. Hierdoor is deelname ook mogelijk voor kleine bosbeheerders in minder ontwikkelde landen. Deze certificering is hierdoor echter wel minder streng.
Forest Law Enforcement, Governance and Trade (FLEGT)
Een andere belangrijke stap in de strijd tegen illegale houtkap is het FLEGT-actieplan. Het werd in 2003 gestart door de EU en ze gebruiken dit om samen te werken met hout-producerende landen. Een deelnemend land moet hiervoor een goed controlesysteem opzetten. Daarna mogen zij een FLEGT-licentie mee geven aan hun hout zendingen, waardoor ze minder strenge douane controles krijgen.
Sinds 2016 is Indonesië het enige land dat FLEGT-vergunningen mag uitgeven aan hun hout. Lang waren ze daarin de enige, maar medio 2025 komt Ghana daar bij. Verder zijn een aantal andere landen kandidaat om deel te gaan nemen, maar deze voldoen nog niet aan de eisen. Maar dat slechts één land momenteel is toegelaten betekent niet dat het actieplan niet goed werkt.
Het effect van het FLEGT-actieplan in Indonesië:
- In 2008 was 80% van de houtkap in Indonesië illegaal
- In 2012 werd in Indonesië het meeste hout gekapt ter wereld
- Eind 2016 werd Indonesië toegelaten tot FLEGT, waarna de ontbossing begon te dalen.
- In 2021 was illegale houtkap met 64% afgenomen

Conclusie
De initiatieven die we hebben besproken zijn allen van levensbelang voor de bescherming van onze bossen. Nog één keer de verschillende manieren waarop zij dit doen:
- CITES beschermt de bedreigde soorten
- PEFC en FSC zorgen voor duurzaam bosbeheer
- FLEGT richt zich op het stoppen van illegale houtkap
Helaas is het probleem hiermee nog niet volledig opgelost, maar de wereld blijft hier aan werken. Tijdens de COP26 bijeenkomst werd door 100 landen besloten dat 2030 het jaar moet worden waarop het bosoppervlak weer gaat groeien in de wereld. Ook als consument kunnen we hier een steentje aan bijdragen, maar niet door simpelweg over te stappen op andere materialen. Steun daarom bedrijven die bewust met hout omgaan en streven naar een betere toekomst.
